De vieringen van het
Franciscaans Milieuproject
Aanleiding:
op zondag 23 maart 2003 kwam een groep van negen mensen uit Leiden naar
Stoutenburg onder meer om mee te doen met onze viering. Het betreft mensen
die in de katholieke parochie Petrus (Lammenschans) betrokken zijn bij
het voorbereiden van woord- en communiediensten (zeg maar een mis zonder
priester). Ik vond het spannend om met hen uitvoerig na te praten over
de vredesviering die ze zojuist hadden meegemaakt.
Hun vragen en opmerkingen hielpen me trefwoorden te vinden voor de eigenheid
van de Stoutenburgse vieringen. Ik werd me toen ook weer bewust dat de
viering zijn eigen dynamiek volgt vanuit verbondenhei met het leven dat
we hier leiden.
1.
Ingebed gebed.
Waarom baden jullie niet?
Ik vind het goed om af en toe expliciet te bidden, maar deze viering was
voor mij van begin tot einde eigenlijk een lang (smeek)gebed. Het begon
in de Naam van de Barmhartige en Vredelievende en eindigde met het visioen
van vrede, ontleend aan de belofte van de Eeuwige.
Het onderscheid tussen bidden en leven is kleiner geworden. We hebben
wel eens gezegd ons leven en werken is "eredienst". Nou, zo
zal het lang niet altijd zijn, maar het is wel een feit dat bij ons leven
en vieren veel directer in elkaars verlengde liggen. Zeker in deze vredesviering
die we hielden vlak na het begin van de aanval op Irak.
Globaal gezegd: ons leven is een bidden, dat we af en toe expliciet onder
het teken van de biddende en vierende gemeenschap stellen. (Zoals de meditatieruimte
staat voor de focus van de spiritualiteit in ons project en de huiskamer
voor de gemeenschappelijkheid. Terwijl spiritualiteit en gemeenschappelijkheid
kenmerken zijn voor ons hele leven).
Opmerkelijk dat bijna de helft van de groep het ook zo had ervaren.
2.
De bijbel van ons leven
Jullie lazen niet uit de Bijbel.
Meestal nemen we een bijbeltekst van die zondag als uitgangspunt voor
de vieringen. Soms de tekst uit het Oude Testament, soms uit de brieven
van de apostelen, soms het Evangelie, soms een zinsnede, soms zelfs maar
één woord. De meeste leden van de communiteit vinden het
mooi om aan te sluiten bij de feesten en teksten van de grotere kerkgemeenschap.
Het gebeurt echter ook dat we (=de twee voorbereiders) vinden dat die
teksten onvoldoende aanknopingspunten bieden; te ingewikkeld; te ver van
ons leven vandaan e.d. Dan voelen we ons vrij om te vieren vanuit een
verwoording van datgene waarmee wij bezig zijn. De geschiedenis van de
Eeuwige houdt niet op bij het laatste Bijbelboek, maar wordt nog steeds
geschreven waar mensen reflecteren op zijn Aan- of Afwezigheid, in onze
tijd.
Dat neemt niet weg dat het belangrijk is teksten uit de traditie te lezen,
omdat die ook openbreken naar het grotere geheel, naar de héle
geschiedenis en de héle wereld. Door voor "eigen teksten"
te kiezen loop je gevaar jezelf en het Heil in je eigen beperkte wereld
op te sluiten. Dat is beslist niet de bedoeling.
3.
Geen voorganger die het voor ons doet
Ik heb een grote onderlinge betrokkenheid ervaren. Dat kan alleen in een
kleine groep!
Dat klopt. Toen onze vieringen met Kerstmis zo veel toeloop kregen dat
die onderlinge betrokkenheid er onder ging lijden, zijn we met die grote
vieringen gestopt. De keuze om iedereen erbij te betrekken leidt tot deze
beperking.
Maar er zit meer aan vast. Omdat we geen priester hebben (konden vinden)
hebben we onze eigen manier van vieren moeten ontwikkelen. Het is dan
ook een element dat duidelijk samenhangt met het leken-karakter van de
viering.
Omdat we met een kleine groep waren hebben gewoon eens een keer geprobeerd
het thema te bespreken in drietallen. Dat bleek zo waardevol dat we het
sinds die tijd (bijna) altijd doen. Daar kan geen preek tegenop.
4.
Eén-voud van thema en vorm
We hebben de viering ervaren als een groot gebed met één centraal
thema.
Ja, dat staat nogal in contrast met de vieringen die ik zelf meemaak in
parochies, waar je tekst na tekst krijgt, gebed na gebed, impuls na impuls.
Omdat we niet op die kerkelijke vieringen hoeven te lijken hebben we kunnen
kiezen voor de één-voud, zoals we die ook beleven in onze
andere meditaties. Eén thema waar we op doorgaan met teksten, liederen
en dansen.
5.
Stilte om te verdiepen en te rijpen
Stilte
neemt een belangrijke plaats in ...
Dat hangt samen met de een-voud. Het geeft het thema de gelegenheid te
landen in je hart en in je ziel en daar zijn werk te doen. We geloven
in de weldadige werking van de stilte, zoals ook een goede preek een bevruchtende
werking kan hebben. Het zou een aardig experiment zijn te onderzoeken
of die stilte vóórdat we met elkaar in gesprek gaan, kwaliteit
toevoegt aan de uitwisseling. Wij denken dus van wel. Bovendien geldt
voor ons: als de mensen zwijgen kan God spreken. Wil je zijn gefluister
horen, dan moet het stil worden.
Stilte neemt dan ook een belangrijke plaats in ons samenzijn, zeker op
de meditatietijden.
6.
In verbondenheid met de natuur
 |
|
Meditatie bij de paddenpoel:
contact maken met het water.
|
Gaan jullie altijd naar buiten?
We gaan niet altijd naar buiten. Het is ook niet altijd zo dat we de verbondenheid
met de natuur een uitdrukkelijke plaats geven in de viering. Het hangt
er van af of het bij het thema past en of het bij de voorbereiders opkomt.
Op zich is dat wel iets, die verbondenheid met de natuur waar we meer op
willen focussen.
Van de andere kant vragen sommige vieringen een concentratie van aandacht
die je buiten de meditatieruimte gemakkelijk verliest. Het bos biedt ook
verschillende "kathedralen" en bij de paddepoel hebben we een
meditatieruimte, zoals er ook een medicijnwiel in het bos ligt, en een
spiraal. Het verschil tussen binnen en buiten is niet dat het één
heiliger is dan het andere. De keuze voor binnen of buiten wordt bepaald
door het antwoord op de vraag of de viering ermee gebaat is.
Algemeen ...
... kunnen
we vaststellen dat we in onze zondagse viering een manier van vieren hebben
gevonden die heel dicht aan tegen ons leven ligt. Verder heeft de viering
zijn eigen dynamiek kunnen volgen, waarbij de traditie meespeelt in tekst
en zang en onze eigen ervaringen met vormingswerk e.d. in de (speelse)
vormgeving van de vieringen.
We komen er bijna altijd rijker uit dan we er in gingen, en dat is best
wel bijzonder.
Guy Dilweg, 25 maart 2003
›› Interview met een bezoekster
›› Foto´s van een Lenteviering
gd;
februari 2007
|