Home > Teksten > Teruggeven

Al het goede teruggeven in dankbaarheid

Franciscus

Guy Dilweg schreef voor de Afscheidsviering in Stoutenburg (10-10-2017) een nieuw gesprek
tussen Leo en Franciscus over

Teruggeven

In het ochtendgebed had het zojuist weer geklonken: ‘Zalig de armen van geest, want hen behoort het rijk der hemelen.’
Broeder Leo zat er wat over door te mijmeren.
Armoede kende hij wel. Daar had hij voor gekozen. Maar was hij ook arm van geest? Hij kwam er niet goed uit en besloot het aan Franciscus voor te leggen.

Franciscus keek Leo peinzend aan.
‘Volgens mij gaat het allemaal om één boodschap. Dat je pas echt arm bent, als niemand iets van je af kan pakken én niemand je kan beledigen. En dat laatste zou je dan armoede van geest kunnen noemen.’

Leo proefde die woorden nog eens na: als niemand iets van je af kan pakken en niemand je kan beledigen. Hij begon met zijn hoofd te knikken. Ja, daar zat wat in.
‘Dan heb je dus helemaal niets om vast te houden’, reageerde hij.
Inderdaad, Leo, zei Franciscus. Het is een uiterste consequentie van onze levenskeuze; dat we al het goede ontvangen van de Algoede, van de Allerhoogste. We moeten ons dus niet verbeelden dat we de eigenaar zijn van de het goede wat we doen. Als je dat wel doet, dan sluit je je op in je eigen bestaan en besteel je de Bron van alle Goedheid.
- Bestelen?
- Ja, als je je toe-eigent wat je om niet gekregen hebt, dan ben je een dief. Het is niet van jou.
Leo stond te puzzelen.
- Kun je dan van God stelen?
- Ja, waarom niet?  Als jij een tak uit een brandend vuur haalt en dan vindt dat de warmte en het licht van die vlam van jou is, dan bedrieg je jezelf en steel je van het vuur. Zo is het ook met God.

Leo wilde geen dief zijn, maar zo af en toe was hij best trots op wat hij en de broeders aan goede dingen deden. En de mensen reageerden ook al zo enthousiast op hen. Dat was best heel leuk. Tegelijk voelde hij vaak een zekere ruimte tussen wat hij deed en wat voor gevolgen dat soms had. Alsof niet hij, maar een ander in hem bezig was. Hij kon er dan verbaasd en ontroerd naar kijken.

‘Hoe ga je dan om met het goede in je leven?, vroeg hij Franciscus.
‘Ik meen, zei Franciscus, dat de enig juiste wijze is dat je al het goede dat jou overkomt ziet als een geschenk en dat je bereid moet zijn dat weer terug te geven aan de Schenker.
- Teruggeven?
- Ja, wat wil je anders? Het is niet van jou. Dus geef het terug, dan loop je ook geen risico dat je het verprutst.
- Verprutst?
- Ja, Leo, verprutst. Het is zo verleidelijk om prat te gaan op het goede dat de Heer in ons doet en bewerkt. En daarmee halen we precies de glans eraf en tasten we de kern ervan aan. Dan maken we klein wat zo onnoemelijk groot is en pronken we met veren die niet van ons zijn. Dus…
Teruggeven, vulde Leo aan.
- Ja, teruggeven aan de Algoede.

Zo stonden ze een tijdje naast elkaar. En hun blik streek over de broeders, over de boeren in het veld, de mensen in de stad, de wouden op de bergen, de vogels in de hemel, de zon en de wolken in de lucht. En met brede gebaren verzamelden ze dat alles bij hun hart en hieven toen hun handen als een schaal omhoog naar de hemel. Om al die schoonheid, al dat leven, al dat goede terug te geven aan God.


Terug       Top

10 september 2017. Guy Dilweg.