Stilstaan
bij de tijd
zaterdag
17 april 1999
- Inleiding
- Welkom
- Inleiding Raf Janssen
- Oefening
- Lezing door Bernard Rootmensen
- Oefening
- Links
1.
Inleiding
'Opzij, opzij, opzij.
Maak plaats, maak plaats, maak plaats,
we hebben ongelofelijke haast.'
Dit lied van Herman
van Veen geeft goed ons hedendaagse tijdgevoel weer. Ons leven wordt gedicteerd
door de klok. De tijd glipt ons door de vingers. Als we aan onze vrienden of
kennissen vragen hoe het met ze gaat, zeggen ze: 'Ik heb het druk'. Tijd is
geld geworden. Tijd voor elkaar wordt steeds schaarser.
Flexibilisering,vooruitgang,
24 uurs-economie, efficiency en rendement zijn de toverwoorden van deze tijd.
Het snelle levenstempo vergt veel van ons lichaam, onze geest en onze aarde.
De werkdruk maar ook de tijdsdruk thuis, is groter dan vroeger. Het snelle levenstempo
vergt veel energie van ons lichaam, onze geest, maar ook van de aarde. Om ons
snel te kunnen verplaatsen hebben we auto's, treinen en vliegtuigen nodig en
deze doen een grote aanslag op de natuurlijke hulpbronnen en vervuilen ons milieu.
Hoe kunnen we ons leven zo
inrichten dat we ook tijd overhouden om, al dan niet met elkaar, tot rust te
komen? Wij vinden onze baan belangrijk, maar ook zorgtaken, ons sociale leven
en onze vrije tijd. En de samenleving vraagt van ons een steeds flexibeler houding
ten opzicht van het soort werk dat we doen, de hoeveelheid werk die we in een
bepaalde tijd moeten verrichten, en de tijden waarop moet worden gewerkt.
De belangrijkste vraag is:
hoe ga jij met je tijd om? Hoe kun je je leven zo indelen dat jij je er prettig
bij voelt.
Om te ontsnappen aan de hectiek
van ons dagelijks leven kunnen we af en toe op adem komen; in Stoutenburg bijvoorbeeld
Door mee te leven met het ritme van de communiteit krijgt alles een plaats,
komen we tot rust. Op deze
studiedag willen we de tijd nadrukkelijk aan de orde stellen. Eindelijk stil
staan bij de tijd.
Raf Janssen
is socioloog. Hij werkt voor een organisatie die aandacht vraagt voor problemen
van sociale ongelijkheid en maatschappelijke achterstelling. Hij pleit voor
een maatschappelijke benadering van het vraagstuk van armoede en rijkdom en
hij wijst in zijn publicaties op de samenhang tussen sociale problemen en milieuproblemen.
Hij zal ons op verrassende wijze laten zien hoe we omgaan met tijd, de paradox
dat we ons haasten om te gaan onthaasten (denk aan de vakanties) en ingaan op
de vraag hoe tijd geld kon worden.
Bernard Rootmensen
is studentenpredikant aan de Universiteit van Amsterdam en de Vrije Universiteit.
Hij zal een lezing geven over
het vieren van de tijd, het heiligen van de tijd en het besef van de eeuwigheid.
Na zijn lezing is er ruimte voor discussie.
De oefeningen na de
lezingen worden verzorgd door Guy Dilweg, lid van de communiteit van
het Franciscaans Milieuproject.
2.
Welkom
Werken aan een nieuwe taal
Joke Jongejan,
lid van het bestuur van het Franciscaans Milieuproject, heet iedereen welkom
op deze studiedag.
Tot de doelstellingen
van het project behoort ook het bevorderen van bezinning/studie. Samen met alle
betrokkenen werkt het project ook aan een nieuwe taal om over onze relatie met
natuur en milieu te spreken en te denken.
Daarvoor wordt jaarlijks rond 4 oktober (Franciscus-dag) een Stoutenburglezing
gehouden, de eerste in 1998 door Hans Achterhuis en de tweede zal dit jaar gehouden
worden door de filosoof Koo van der Wal. In het voorjaar wordt steeds een studiedag
gepland. Vorig jaar ging deze over 'inspiratie in de milieubeweging'. Dit jaar
over de relatie tussen onze omgang met de tijd en natuur en milieu. Raf Jansen,
de spreker van deze ochtend, is uitgenodigd, omdat hij over milieu en tijd veel
heeft nagedacht en onder andere het begrip 'onthaasting' heeft uitgevonden.
Zowel tijdens de studiedag
vorig jaar als bij de lezing van Hans Achterhuis werd gesuggereerd dat het thema
'Tijd en milieu' wel eens belangrijk zou kunnen zijn voor Stoutenburg. Vandaar
deze verkennende studiedag.>
3.
Inleiding Raf Janssen
Momo
en de tijdspaarders
Raf Janssen begint
met het voorlezen van een stukje uit 'Momo en de tijdspaarders' van Michael
Ende. De hoofdpersoon van het verhaal krijgt aangepraat dat hij zijn tijd op
een hoogst onverantwoorde manier verspilt - een praatje maken met z'n klanten,
zijn oude moeder bezoeken, gezellig een biertje drinken met vrienden, etc.,
dat kan niet meer. Hij moet tijd sparen door deze dingen niet meer te doen.
De bezoeker drukt alles uit in seconden, wat indrukwekkende getallen oplevert.
Als de hoofdpersoon de raad opvolgt wordt hij een ongelukkig mens, die tevens
niet het gevoel heeft dat hij zeeën van tijd (over) heeft, integendeel.
Naar aanleiding van
dit verhaal krijgt iedereen de opdracht om in trefwoorden op de schrijven welke
gevoelens, gedachten en vragen daarbij opkomen en dat met een buurman/vrouw
uit te wisselen. Plenair worden deze verzameld.
Enkele voorbeelden:
- gaat het niet vooral
om een aangepraat probleem, zoals in dit verhaal, of is het dwingender?
- verschrikkelijk eigenlijk,
het opgeven van je leven nu, om, zo wordt tenminste beweerd, in de toekomst
te kunnen genieten (wat ook niet gebeurt).
Armoede
en tijd: het systeem
Raf Jansen reageert
op enkele van de opmerkingen en vragen en steekt dan van wal met zijn verhaal.
Hij introduceert zichzelf
kort: Socioloog, al vele jaren bezig met het thema 'armoede', in concreto met
arm gemaakt mensen. Zocht naar het systeem dat daaraan ten grondslag ligt, in
plaats van zich (alleen) op de slachtoffers te richten. Nadenkend over dit systeem
werd ook de relatie tussen tijd en milieu ontdekt. Voerde actie met WAO-ers,
maar ontdekte dat het, als aanvulling op actie, ook nodig was om aan een andere
taal te werken. Je komt er anders niet doorheen, loopt vast in het gevestigde
denken, we moeten nu veel meer aan andere begrippen werken.
Wat is bijvoorbeeld
'productieve arbeid?' Behoort het afvegen van een snotneus van een kind daartoe?
In het bewustzijn van veel mensen is dat onbelangrijk werk. Zorgarbeid telt
niet mee. Raf heeft de ervaring dat je je met een handjevol dissidenten heel
eenzaam kunt voelen tegenover een oppermachtige denkwijze. Hoe houd je dat vol?
Je moet een sterk geloof hebben in de doorwerking in de samenleving.
Wachten
op je ziel
Je kunt niet uit de
samenleving stappen, je maakt er deel van uit. Dans je mee of ga je ernaast
staan (culturele ongehoorzaamheid)? De grens voor niet meer meedoen zal voor
iedereen verschillend liggen.
Raf deed de 'heilzame
herontdekking' van de langzaamheid. Dat is zeer tegendraads. Wat willen we,
18 minuten eerder in Parijs zijn, of wachten op onze ziel (het verhaal dat inheemse
roeiers tijdens een expeditie op een gegeven moment niet meer verder wilden,
maar 'op hun ziel wachtten, die hen niet bij kon houden)? Onze 'minister van
Snelheid' kan daar niets mee, snapt niet waarover je het hebt.
[De 'minister van Snelheid'
die destijds het eerst over de noodzaak van de hogesnelheidslijn begon riep
destijds het 'schrikbeeld' op dat ons land zonder deze trein 'het Jutland van
Europa' zou worden, wat ik persoonlijk vanuit de kennis van Jutland een aangenaam
idee vind. KB].
Raf voert een pleidooi
voor onthaasting en het in cultuur brengen van de langzaamheid. Dat kun je gemakkelijk
zeggen, maar de praktijk is moeilijk. Het is heel confronterend om zo met de
tijd om te gaan.
Verbond
tussen tijd en geld
In onze samenleving
is er een hecht verbond tussen tijd en geld. Je verkoopt je tijd en dat levert
geld op en met dat geld kunnen mensen welvaart kopen. Alles in onze economie
is daarop gebaseerd, zie bijvoorbeeld de vakantie-advertenties, die melden dat
je 'rust kunt kopen'. Het tijd-geld-dictaat leidt tot een permanente versnelling.
Tempo! Records (in grootte en snelheid) zijn belangrijk. Een Indiër, met
wie Raf reisde vroeg, toen de trein waarmee ze reisden een grote vertraging
had, terwijl er mensen op hen wachtten om ze op te halen: 'wachten ze op ons
of op de trein?' En: als ik op jouw manier door België reis kom ik overal,
maar zie ik niks.' Het verplaatsen, en wel zo snel mogelijk, is doel op zichzelf
geworden.
Tijdpiraten
en tijdpioniers
Er zijn tijdpiraten
(zie boven), maar ook tijdpioniers, die er naast gaan staan en tijd-ruimte voor
zichzelf scheppen, bijvoorbeeld door minder betaald te gaan werken. Zij doorbreken
het onheilig verbond van tijd en geld en kiezen voor tijdwelvaart. Het zal er
steeds meer om gaan de tijd te beleven, in plaats van de tijd steeds maar te
willen benutten. Dit laatste leidt tot stress (en 'burn-out' van mensen), er
is n.l. nooit een eind aan (zie het verhaal over Momo). Het onderscheid tussen
mechanische (klokke-) tijd en organische tijd (bijv. tijd meten aan het aantal
pijpen roken dat het vraagt!) moeten we leren voelen. Nu is het 'grow or die,
buy or die'. De mechanische tijd is onnatuurlijk, onmenselijk en asociaal.
Meer
mens blijven
Raf eindigt met vier
stellingen:
- Onthaasting is nodig
om mens te blijven.
Dit is in het voorgaande
al toegelicht. Je kunt kiezen voor kwaliteit, in plaats van kwantiteit.
- De milieucrisis
is een tijdcrisis.
Het regeneratievermogen
van de natuur zou beperkingen moet opleggen aan ons tempo van het gebruik van
de natuur. De economie moet zich voegen naar de produktiviteit van de natuur.
Nu wordt er ingeteerd en vertoont de natuur uitputting en stress. We hebben
een ander begrip van 'economisch handelen' en 'produktief' nodig en moeten ook
'winst' anders definiëren.
- Door demografische
ontwikkelingen zal de onthaasten doorzetten.
Mensen worden immers
ouder en dat zal het maatschappelijk tempo drukken.>
- Het systeem loopt
vast
Raf vertelt dat zijn
dochter tijdens de afwas tegen hem zegt: 'Jij altijd met je onthaasten, dat
lukt je nooit'. Intussen hoort Raf op de radio op de achtergrond de verkeersinformatie
en antwoordt: 'Luister dan, het gebeurt vanzelf'. De radio meldt n.l. een record-aantal
files.>
Het gaat
om het zoeken naar KWALI-TIJD!
Opgetekend door Kees Both
Literatuurlijstje
- André Bons/Raf
Janssen, Meedansen en de dans ontspringen
Uitg. Stichting Sjakuus,
Utrecht, 1998 (Plompetorengracht 19, 3512 CB Utrecht)
- André Bons/Raf
Janssen, Werkende waarden. Het beschavingsoffensief als perspectief voor de
verzorgingsstaat
Uitg. Stichting Sjakuus,
Utrecht, 1999
- Johan van Workum (red.),
ALLES behalve tijd. Bijdragen uit het NCDO-podium over de 'gehaaste samenleving',
Agora, Baarn, 1998
- Stephan Rechtschaffen,
Onthaasten [Time-shifting], Forum, Amsterdam
4.
Oefening
Ontspanningsoefeningen,
rekken en strekken, aarden
Aan het strand,
zintuigen
De duinen in, slingerpad.
Aan je linkerhand zie je een dichtbegroeid bosje dat jou sterk aantrekt. Je
gaat er op af. Je wil erin gaan en je zoekt je een weg tussen de struiken en
bomen door.
Je komt in het midden van het bosje op een open plek. Daar zie je een soort
openluchttheater met trappen naar beneden.
Je daalt de trappen af naar de plek van het toneel. Daar groeit een boom. Je
gaat met je rug tegen die boom aanzitten en geniet een moment van de rust op
die plek.
Dan gaan je gedachten terug naar je jeugd en zie je een scene voor je waarin
je als kind vol aandacht bij iets verwijlde.Je neemt die scene goed in je op.
Wat zie je? Wat Hoor je? Wat voel je? Wat ruik je? Krijg je een smaak in je
mond?
Hoe voel je je daar in die scene?
Als je de scene voldoende verkend hebt, dan geef je in gedachten een titel aan
die scene.
Dan maak je je los van dat toneeltje uit je jeugd en zit je weer tegen de boom
aan in het openluchttheater.
Je besluit weer terug te gaan. Je loopt rustig de trappen weer op en dan zie
je dat bovenop de trap een wijs mens jou opwacht. Je gaat naar die mens toe
en jullie hebben even contact. De wijze mens zegt jou iets wat voor jou belangrijk
is.
Dan neem je afscheid en ga je door het dichte bosje weer terug naar het duinpad
en vervolg je de weg terug naar het strand.
Als je daar bent aangekomen overdenk je nog even wat je hebt meegemaakt.
En als je eraan toe bent kom je met je aandacht weer terug naar het hier en
nu, hier in Stoutenburg.
En dan krijg je
nu gelegenheid om de titel van de scène en/of de woorden van de wijze
mens op een kaartje te schrijven.
Dat kaartje kun je ergens in je huis of op je werk neerleggen en als je het
ziet weer terugdenken aan de scène uit je jeugd dat je vol aandacht bij
iets verwijlde.
5.
De tijd bevrijden als een spirituele uitdaging.
Lezing door Bernard Rootmensen
studentenpastor aan de Universiteit van Amsterdam.
Zijn werk biedt in de leerfabriek
een oase van rust en bezinning. Voor zijn taak geldt niet het academische motto;
"publish or perish".
I.
Algemene bespiegelingen.
De tijd is een raadselachtig
iets. Augustinus zei al: "Wat is dan de tijd? Wanneer niemand het mij vraagt,
weet ik het; wanneer ik het iemand, op zijn vraag, zou willen uitleggen, weet
ik het niet.">
We beleven de tijd
niet alleen als kwantiteit (horlogetijd) maar ook als kwaliteit (belevingstijd).
Dat laatste dreigen
we kwijt te raken. Ons tijdsperspectief is ook zo reusachtig geworden, dat we
ons er niets meer bij voor kunnen stellen. "De wereld begon 15 miljard jaar
geleden met de oerknal. Ons zonnestelsel is 4,5 miljard jaar oud." Vandaar dat
we onze kaarten zetten op het hier en nu. Pluk de dag!
Maar je ziet ook een
krampachtige tijdsbeleving, die te maken heeft met ons denken in termen van
efficiency, "Die ene duizendste seconde is een miljoen waard".
Ook is er sprake van
een versnelde tijd. We zijn getuige van een voortdurende stroom van uitvindingen.
Een nerveus proces waarin we ook van binnenuit mee gaan trillen. Het levens
gaat alsmaar sneller, flitsender. Een film van veertig jaar geleden komt ons
al traag over.
Ten slotte lijken we
een overgangstijd te zitten. We beleven een aantal culturele omslagen tegelijk:
- van ideologie naar pragmatism
- van de derde naar de vierde
industriële revolutie (informatie-technologie)
- van nationaal naar internationaal
- van uniform naar pluriform
- van organisatie naar netwerk
- van eenheidsreligie naar
multireligieus
- van collectief naar
individueel
en zo meer. Ook de
komende eeuw- en millenniumwisseling geeft aanleiding tot allerlei tijdsbespiegelingen.
II. De spirituele benadering
van de tijd binnen de joodse en christelijke traditie.
Ik word erg geboeid
door de tijdsbeleving in de joodse spiritualiteit, die door de christenen is
overgenomen. Hierbij is eerder sprake van een tijd-spiritualiteit dan van een
tijds-filosofie. Het blijkt meer uit de beleving dan uit een systematische reflectie.
>Het kader van deze
tijd-spiritualiteit wordt gevormd door:
Het jodendom is de
godsdienst van de geschiedenis. Abraham Herschel zegt ervan: "De Grieken hebben
de ruimte ontdekt, de joden de tijd". Het besef wordt verwoord dat we ergens
vandaan komen en ook weer ergens naar toe gaan. Een meer lineaire tijdsbeleving
die in contrast staat met de meer cyclische tijdsbeleving van andere culturen.
Je zou kunnen zeggen
dat in het jodendom en van daaruit ook in het christendom - sprake is van
een vier-dimensioneel wereldbeeld. De apostel Paulus schrijft in zijn brief
aan de Efeziërs (3, 17-18): "Y dat Christus woont in uw hart en dat gij
in de liefde geworteld en gegrondvest blijft. Moogt gij in staat zijn met alle
heiligen te vatten, wat de breedte en lengte en hoogte en diepte is, en te kennen
de liefde van Christus." Inclusies dus de lengte, de tijd als factor in het
leven. Dat kan ons aanmoedigen om in wisselwerking te gaan staan met de tijd
en niet alleen maar slaaf van de tijd te zijn.
De tijd kan bevrijd
worden van de bovengenoemde krampachtigheid door drie oude vitale werkwoorden
op te pakken:
- gedenken
- verwachten
- heiligen
III.
Gedenken, verwachten en heiligen.
Gedenken helpt ons
te beseffen dat we de eerste niet zijn. De wereld en de tijd begint niet met
ons. We staan in een traditie. Daardoor hoef je ook geen last te hebben van
de "ondraaglijke lichtheid van het bestaan"(Kundera). Als je de liturgie van
Pasen viert, sluit je je ook bewust aan bij wat vóór je was. Dat
is het geheim van het verhaal en vooral van de liturgie.
Dit alles staat tegenover
de geschiedenisloosheid van de mens, die alsmaar moet reageren om impulsen in
het hier en nu en zo van hot naar haar gesleept wordt. Zo'n binding aan de geschiedenis
staat ook tegenover de geschiedenisloosheid van de techniek. Eren geschiedenisloosheid
die tot vergeetachtigheid leidt. De grote chassidische meester de Baal Shem
Tov zei: "vergeetachtigheid leidt tot ballingschap".
Verwachting. Verwachting
geeft aan dat er een toekomst is. Hierbij gaat het om een andere toekomstverwachting
dan die van de utopie. De utopie is een projectie van onze idealen en verlangens.
De verwachting is daarentegen gebaseerd op een belofte die er ook is zonder
ons. Vergelijk Bonhoeffer met zijn "wachten op Gods tijd." Het gat hierbij om
een toekomst die ook kan inbreken in ons eigen leven.
Dit verwachten veronderstelt
een actieve passiviteit. Dat staat tegenover de huidige tendens om snel resultaten
te willen behalen. Het gaat ook in tegen een doemdenken, tegen onze hedendaagse
toekomstloosheid. tegen de kortademigheid en de kortzichtigheid. Hoe kunnen
we een passiviteit, een belargeloosheid ontwikkelen die niet geknecht wordt
door onze behoefte aan een snel resultaat?
Heiligen. Dat is het
"huwen van de tijd aan de eeuwigheid". Maar dan eeuwigheid als principe van
kwaliteit en niet als iets als tijdloosheid of oneindige duur. Als Jezus zegt
dat hij het "Eeuwig Leven" is, dat doelt hij op een leven dat echt, intens en
goed is. Het betekent ook dat het leven en de schepping als een geschenk ervaart,
dat zij in wezen goed zijn. Vanuit die houding mag je ook "bij de dag leven".
Het brengt ons ook
bij het belang van de sabbat. Die ene dag in de week om op adem te komen, de
teugels te vieren, uit je ritme te stappen, te kappen met de 24-uurs-economie.
Tijd om "de tijd te vieren". Dit gaat ook in tegen de digitalisering van de
samenleving en tegen het "horloge-denken", waarin alles rationeel moet zijn
en zijn nut of rendement moet hebben. De sabbat is de uitnodiging je prioriteiten
weer eens te stellen: wat vind je nu echt belangrijk in je leven?
De sabbat is een sociale
wetgeving van de eerste orde! En die dag geldt niet alleen voor mensen, mar
ook voor dieren. De sabbat vormt ook de basis o het sabbatjaar; eens in de zeven
jaar de aarde een jaar met rust laten. En eens in de zeven maal zeven jaar een
jubeljaar, waarin de economische betrekkingen tussen mensen hersteld worden.
"stilstaande bij de tijd, ga je anders met verhoudingen om" en het is ook een
remedie voor vermoeide milieucritici!
Tot zover
de lezing.
Gesprek
met de zaal
Hoe komt het dat
we zo in de ban zijn geraakt van de horlogetijd en de binding met de eeuwigheid
verloren hebben? Hoe komt het dat de mens van nature zo gehaast lijkt te zijn?
Zit het in onze genen (nee, nee, nee roept de zaal!).>
Het komt door de technische
ontwikkeling, menen enkelen. Vroeger werkte de boer in de zomer lange dagen,
maar had hij altijd tijd voor een praatje. Nu komt de combine van de loonwerker
en kost een praatje tijd en dus geld. De lopende band is een ander voorbeeld
van deze ontwikkeling.
B.R. Het historisch
besef geeft een sterke impuls tot handelen en tot (steeds meer) willen. Maar
die activiteit bleef vroeger beter in evenwicht met de passiviteit. Nu dreigt
de activiteit de overhand te krijgen. We zijn passiviteit ook negatief gaan
waarderen als luiheid. Je hoort altijd iets om handen te hebben. We moeten tegenkrachten
ontwikkelen tegen deze doorgedraaide activiteitenkant. Daarbij jaagt de economie
ons meer voort dan de techniek.
Hoe kun je een tegenkracht
ontwikkelen?
B.R. Door de mobilisatie
van alle kritische tegenstemmen. Je kunt er zelf mee beginnen door 1 dag in
de week bewust vrij te plannen, door bewust mee te doen met meditatieve vormen
van leven. Je hoeft niet alles mee te maken, te kennen en te kunnen, zoals ons
wordt voorgehouden door de informatie-technologie. We moeten leren selecteren.
Individu
en collectief
Maar we willen ook
steeds meer! We willen ook gelukkig zijn en dat willen we NU. Maar waarom willen
we dat? Wat zoeken eigenlijk we in die drang naar steeds meer?
Bij Raf Janssen hadden
we het over de zin van het bestaan. Zijn we wat de invulling daarvan betreft
niet doorgeschoten in het "modelleren", in het nabootsen van succesvolle mensen.
Door je op die identificatiefiguren te richten ben je je eigen bestemming aan
het vergeten.
Maar je moet dan wel
sterke benen hebben, Er is zo veel te koop en het is zo verleidelijk om daaraan
mee te doen. Wat hebben die "gelukte mensen" wat ik niet heb?
B.R. Belangrijk is
het onderscheid tussen hebben en zijn. Waar mensen moeite hebben hun zijn te
beleven, compenseren ze dat met hebben.
De reclame speelt daar
ook op in. Die suggereert dat je met een mobiele telefoon contact kan kopen
en dat je met een dure vakantie rust kunt kopen.
B.R. De enige remedie
die ik daar tegen ken is stilte. Dat is een bijna therapeutisch moment dat jou
de tijd geeft om naar andere stemmen te luisteren dan die van de reclame.
Een bepaalde ruimte
(kerk bijvoorbeeld) kan ook die functie hebben.
Wat veel mensen steeds
meer gaan missen bij het vinden van die tijd en ruimte is de steun van het collectief.
Of je de sabbat houdt wordt steeds minder een maatschappelijk en steeds meer
een individuele aangelegenheid. En als je de steun van het collectief er niet
voor hebt is het veel moeilijker om je eraan te houden.
B.R. Daar staat tegenover
dat die individualisering je ook de kans geeft om eindelijk jezelf te zijn.
Maar zoals al eerder gezegd; het zijn sterke benen die de weelde kunnen dragen.
Je levert heel genmakkelijk je "sabbat" weer in om te gaan sloven en slaven.
Het
jagen zit ook in ons
Maar die onrust komt
niet alleen van buiten, die komt ook van binnen. Stil en leeg zijn is vaak angstaanjagend.
Zeker als je in die stilte tot de ontdekking komt dat er NIETS is.
B.R. Maar ook u heeft
behoefte aan spiritualiteit om de duivelskring te doorbreken. De krachtgen van
onze geest, spiritus, zouden versterkt moeten worden tegenover de krachten die
vanuit onze omgeving op ons in werken. En dan denk ik aan : angst, bezorgdheid
en de Mammon. Zaken die ook in de Bergrede van Jezus genoemd worden.
We moeten een nieuwe
spiritualiteit van de tijd ontwikkelen. Dat ontbreekt nog in de campagne van
de Raad van Kerken tegen de 24-uurs-economie.
De vraag blijft waar
die onrust vandaan komt. Die gerichtheid op de toekomst heeft ook onze samenleving
bepaald. En ik ben daar ook blij mee. Ik zou niet terug willen naar het fatalisme
van de cyclische tijdsbeleving. Ook Abraham, onze aartsvader, ging op weg naar
een -onzekere B toekomst. Het is goed jezelf doelen te stellen.
Binnen het economische
kader ontbreken de tegenkrachten, de tegenkoppelingen. Misschien kunnen we die
ontwikkelen als we kritisch kijken naar onze eigen traditie.
Een van die tegenkrachten
wordt gevormd door de schat aan Bijbelse verhalen. Die bleken steeds weer aan
een nieuwe opening en een nieuwe zingeving te kunnen bijdragen. Maar die bron
lijkt in onze dagen ook te verbleken.
B.R. We moeten ook
leren een beetje door deze tijd heen te kijken met al haar impulsen. Dat in
al dit soort dingen onze zin zou liggen, dat zou eens goed belachelijk gemaakt
moeten worden.
- Wat zou u doen,
wanneer u minister van cultuur was?
B.R. Ik zou in ieder
geval niet de boel opnieuw gaan structureren. Het is in universitaire kringen
al een verwensing geworden: "man, krijg de herstructurering". Je moet de dingen
ook met rust kunnen laten, een sabbat gunnen. Dat zou ons de kans geven ons
bewust te worden van onze blikvernauwingen, zoals de tendens dat je voortdurend
moet scoren.
Buber stelt ergens,
dat de mens de natuur nodig heeft, maar dat ook de natuur de mens nodig heeft
om geheiligd te worden.
En dat leek de vergadervoorzitter
een mooi besluit.
Literatuur:
Bernard Rootmensen,
Waar het op aankomt, een werkboek bij het begin van een nieuwe eeuw en een nieuw
millennium, Meinema 1998/
Oases in de woestijn,
Over spiritualiteit en ruimte om te leven. Een pleidooi voor blikverruiming,
Meinema, derde druk 1995.
Heschel, A.J. God zoekt
de mens, een filosofie van het jodendom. De Haan, 1987 (1955).
Bram Grandia, Zeven
maal zeven, over sabbatjaar en jubeljaar als Gods bevrijdende economie. Een
bijdrage op weg naar een jubeljaar 2000. Ten Have, 1998.
(verslaglegging Guy
Dilweg)
6.
Oefening
Dit is een oefening
om momenten in je leven in te bouwen om even stil te staan bij de tijd. De oefening
is ontleend aan Thich Nath Hahn.
We gaan weer eerst
even uitrekken en zo en goed staan of zitten.
De oefening gaat als
volgt. Ik wil jullie vragen om dadelijk met je buren een beetje uit te wisselen
over het onderwerp van vandaag. Op een gegeven moment luid ik de gong. Dan stop
je met praten en denken. Je vormt een glimlach op je gelaat en je ademt drie
keer bewust uit en in, terwijl je bij je zelf zegt: ik adem uit, ik adem in.
Dan kijk je of je gesprekspartners
ook zover zijn en vervolg je het gesprek. Dat doen we dan nog een paar keer.
DOEN
Nu heeft niet iedereen
een gong of zo. Daarom wil ik je vragen om bij je zelf na te gaan welk geluid
in jouw woon- of werkomgeving voor jou een seintje kan zijn om even bij de tijd
stil te staan. Dat kan van alles zijn. De telefoon, een klepperend raam, een
fabriekssirene, het aanploffen van de verwarming, kijk maar, luister maar en
zoek maar.
En als je zo'n geluid
gevonden hebt, dan is het goed om dat even tegen je gesprekspartners te vertellen.
Dan onthoud je het beter.
Als je thuis of op je werk dat geluid hoort: sta dan even stil bij de tijd.
Dit is het einde van
de oefening,
en einde van het verslag.
7.
Links
http://onthaasten.pagina.nl
|