|
Home > Publicaties
> Netwerk
Netwerkconferentie rond levensbeschouwing en milieu"Op zoek naar het goede leven"Verslag door Lidwien Meijer, hoofdredacteur van het Franciscaans Maandblad. Wat is eigenlijk een goed leven? Wat is daarvoor nodig? Zo'n dertig mensen bogen zich op 12 en 13 mei van het jaar 2000 in Stoutenburg over dit thema. Hoe Franciscus dit zag, werd door cultuurfilosoof Theo Zweerman ofm uitgediept: 'Franciscus was geen man van aanklachten tegen wat er niet deugde, maar iemand die probeerde erkenning voor het goede te verkrijgen.' Het thema van de Netwerkconferentie luidt: 'Op zoek naar het goede leven.' Men wil wilde bewust niet uitgaan van milieuproblemen, maar op zoek gaan naar een concept van een goed leven, dat ook een passende omgang met natuur en milieu omvat. Uitgenodigd zijn vertegenwoordigers van het Netwerk natuur, milieu en levensbeschouwing. Dit netwerk is tot stand gebracht door Kees Both, lid van het bestuur van de Stichting Franciscaans Milieuproject Stoutenburg. Hij verbond allerlei mensen en instellingen binnen een informatiebrochure die ook via de website van Stoutenburg te raadplegen is. (www.stoutenburg.nl) De conferentie telt zo'n dertig deelnemers, vertegenwoordigers van organisaties als Milieudefensie, Kerk en milieu, Stichting Milieubesef en de Franciscaanse Beweging. De meeste deelnemers hebben huiswerk gedaan en een A-viertje opgestuurd met de eigen visie op het goede leven.
Een vruchtbaar thuisWelk verlangen drijft me? Waar ben ik op uit? (motivatie). Waarop richt ik me (oriëntatie)? en wat is mijn levenspraktijk (inrichting, ordening)? Dat zijn vragen die gaan over mijn spiritualiteit. Het zijn vragen waar Franciscus mee heeft geworsteld. Aldus Theo Zweerman die op vrijdagavond Franciscus en zijn goede leven met ons onderzoekt. 'Zoek God en je zult leven', zegt Franciscus in zijn eigen psalm 14. Deze psalm gaat over geborgenheid, veiligheid (wonen) en vruchtbaarheid, het doorgeven van leven. Het is ons meest persoonlijke verlangen om een vruchtbaar thuis te vinden, thuis te zijn bij elkaar in zuster- en broederschap, ook als je geen vast thuis hebt. Om je aanvaard te weten als huisgenoot, in erkenning van onderlinge afhankelijkheid. Franciscus had een uitzonderlijke levenspraktijk: zonder bezit, gehoorzaam aan de kloostergeloften. Voor hem was dit het goede leven en hij schiep zo een thuis voor velen. Hij was geen professor, maar hij heeft veel gebeden en gemediteerd en dit kan een diepteperspectief openen waar academici veel van kunnen leren.
Goedheid is de wegAls goedheid er al niet is, zal ze ook nooit bereikbaar zijn. Er is geen weg naar goedheid, goedheid is de weg. Hoe maakte Franciscus deze visie concreet? Zweerman besprak een aantal van zijn grondwoorden. Het beoefenen van de 'nederigheid' maakte deel uit van zijn zoektocht naar het goede leven. We behoren als kwetsbare mensen toe aan de aarde. We zijn uit klei getrokken en door Gods levensadem bezield. De nederigheid maakte Franciscus ook vrijmoedig. Hij had niets te verliezen en durfde daarom mensen als de paus en de sultan te benaderen en te kiezen voor de mensen onderop. Hij was, zoals de filosoof Levinas het noemde 'bevrijd om te dienen.' 'Dragen' was ook een grondbegrip: elkaar hooghouden, bijstaan. En de erkenning van het recht van de armen, de zwakken. Hier passen mooie Engelse woordspelingen bij: sharing, caring, bearing (delen, zorg hebben en dragen van de vrucht). Dit in tegenstelling tot: claiming, climbing and controlling (opeisen, opklimmen, controleren).
Solide krachtDe tijd van Franciscus was er een van grote mobiliteit en snelle verrijking. De afstand tussen arm en rijk groeide. Franciscus was geen man van aanklachten tegen wat er niet deugde, maar iemand die probeerde erkenning voor het goede te verkrijgen. Onze tijd heeft veel weg van zijn tijd. In onze tijd gaat het om maken en breken. Hardheid is normaal: harde journalistiek, harde valuta. Maar als techniek alles wordt, worden andere mogelijkheden in ons bestaan weggedrukt. In het rijke westen zijn de meeste mensen bevrijd van zorgen betreffende primaire levensomstandigheden, maar zijn we ook vrij van zaken als hebzucht, eerzucht en heerszucht? Zacht wordt vaak met soft afgedaan. Franciscus was zacht en had tegelijkertijd een soort onverzettelijkheid, een solide kracht. Zijn harde bodem was het respecteren van de kwetsbaarheid, van het zwakke. Franciscus brak met de grondpatronen van zijn vader, om solidair te worden met de slachtoffers. Door zijn ziekte was hij kwetsbaar geworden; zijn afscherming was verdwenen en hij kon beter signalen opvangen. Zo ving hij het signaal op van de melaatse. Hij stapte van zijn paard en ging erop af, op die meest kwetsbare, uitgestoten mens. Alleen door de meest kwetsbare plekken van ons lichaam kunnen de signalen binnenkomen, kan er ontvangen worden: het hoornvlies (het gezichtsvermogen) en het trommelvlies (gehoor). Er is zoveel in ons leven wat niet maakbaar is: erkenning, vergeving, innerlijke vrede. De aandacht voor de deugden neemt gelukkig de laatste jaren weer toe. Er is meer aandacht voor de inoefening van goed leven. Echte religiositeit kan ook alleen opbloeien vanuit sensibiliteit, ontvankelijkheid.
LevenselixerOp zaterdagmorgen was het leven vanzelf goed op het zonnige gras van Stoutenburg. In kleine groepen vertelden we elkaar ons eigen goede leven. Deelneemster Bette vond afwisseling tussen inspanning en ontspanning daarbij belangrijk. Als dat goed in evenwicht is, kun je genieten van beide. Elly vond het gevoel van thuisgekomen zijn in de kosmos heel cruciaal. Guy Kilian dacht aan liefdevolle aandacht. 'Dat werkt als een levenselixer. Dan word ik vanzelf levendiger. Het is belangrijk om ruim de tijd te hebben. Je gaat je dan richten op wezenlijke dingen.' De mate van materialisme en consumptie waar we nu in zitten, dat kan zo niet langer, vonden de deelnemers. Het blijkt goed om te leven vanuit andere waarden. Bekering is nodig, vanuit het individuele hart en kleinschalige initiatieven zijn daarom belangrijk. De milieubeweging is vaak door het maakbaarheidsideaal bepaald. Het aanhollen achter allerlei problemen, het vijf voor twaalf-gevoel... Houden we het daar wel mee vol?
Leren voedenEr klinken mooie woorden, de laatste paar uur van de conferentie. Woorden die voor de deelnemers horen bij het goede leven: verwondering, schoonheid, thuiskomen, ergens wonen en het besef ontwikkelen dat kwetsbaarheid poort tot kracht kan zijn. Je sensibiliteit vergroten, ruimte nemen, het waardebewustzijn bij zoveel ontwaarding weer laten klinken. Er is zoveel wat je daarvan afhoudt: kopen, agenda, drukte, moeten. Maar de echt belangrijke dingen zijn niet van de orde van het maakbare. Je kunt ze niet voorprogrammeren. Het goede leven kun je niet organiseren; je kunt het wel leren voeden. Dat vraagt discipline, in de zin van leerling willen zijn. Het is goed daarvoor ruimte te scheppen, anders word je geleefd. En het thema milieu moet je op een manier aan de orde stellen dat het niet afschrikt maar uitnodigt. In dit weekend bleek wat dat betreft de juiste toon getroffen te zijn. Wat wil het netwerk verder? Het net verstevigen, ook via internet. Een weekend als dit acht men zeker ook voor herhaling vatbaar. Met in het programma uitwisseling van methodieken en ervaringen, om niet in elkaars fouten te vervallen. En met weer zo'n goede inleider erbij als Theo Zweerman. Lidwien Meijer (Franciscaans Maandblad)
"Het goede leven"Op een A4-tje moesten de deelnemers hun visie op het goede leven tevoren beschrijven. Enkele fragmenten: 'Mijn leven is goed als ik de kans krijg tot volle bloei te komen en van daaruit mijn bijdrage aan de bloei van deze wereld kan leveren.' (Chris) 'Het goede leven betekent voor mij leven en werken in liefde en eenvoud, in dienstbaarheid aan de schepping en in overeenstemming met mijn bestemming.'(Cocky) 'Het heeft voor mij te maken met schoonheid, met genot. Met vreugde om te leven. Aan de basis ligt respect, voor heel de aarde-gemeenschap en de verwondering er deel van te mogen zijn. Genieten, niet op basis van comfort, maar van eenvoud en de vreugde van een gedeeld leven.' (Elly) 'Hoe kunnen we inhaken op de groeiende vraag naar zingeving? Zouden er misschien meer oefenplaatsen moeten komen en plekken waar mensen kunnen recreëren en zich kunnen oriënteren?' (Gery)
Guy Dilweg; 25 maart 2001 |


