|
|
Theo
Zweerman ( 2005) over kernwaarden van de franciscaanse spiritualiteit
Danken, dienen en dragen
Danken,
dienen en dragen. Deze drie basiswoorden gebruikte Theo Zweerman tijdens
de studiedag van 23 november 2001 in Stoutenburg om de basiswaarden van
de Franciscaanse lekenspiritualiteit mee aan te duiden.
Hij
plaatste gelijk in het begin van zijn betoog een vraagteken bij deze verwoording.
Wat zijn woorden tenslotte nog waard in deze tijd? Hij waarschuwde zijn
publiek ook zich niet in te graven in de eerste intuïtieve gevoelsreacties.
Waarna hij geïnspireerd op zoek ging naar goede vertalingen van deze
woorden in onze wereld van denken en doen. Belangrijke vragen waren hierbij
voor hem: wat zijn de wezenskenmerken van deze tijd? En: waar staan wij
zelf?
Voor
deze bijeenkomst die in de agenda van het project als themadag voor de
communiteit was ingepland, waren ook afgevaardigden van diverse Franciscaanse
organisaties uitgenodigd. In de brief die zij van tevoren kregen toegestuurd
stond ook de opdracht die Theo Zweerman had meegekregen: Wat zijn de kenmerken
voor een franciscaans gemeenschapsleven? Wat vind jij uitgangspunten voor
hedendaagse religieuze gemeenschap die in de franciscaanse traditie wil
staan? Is in jouw ogen de betrokkenheid op de schepping/de natuur een
wezenlijke element van de franciscaanse lekenspiritualiteit of acht je
dat eerder van bijkomstige aard? Waar zou het in dat geval dan met name
om moeten gaan?
De
drie c's en de drie d's
Om
deze veelomvattende opdracht op een begrijpelijk manier tot een goed einde
te brengen, maakt hij in zijn verhaal gebruik van de drie C's zoals die
in Amerika worden gehanteerd: to claim, to control, to climb. Door deze
drie tegenpolen te gebruiken, krijgen wij volgens hem beter zicht op de
inhoud van de drie D's: danken, dienen en dragen. Hij plaatst vervolgens
alle genoemde woorden in de context van het Testament van Franciscus,
dat volgens hem het schema vormde voor alle preken waarmee de heilige
en zijn broeders de leken in hun tijd probeerden te bereiken.
De eerste twee verzen van het testament worden in het eerste deel van
de lezing uitvoerig belicht, omdat hierin de basishouding van de minderbroeders
die zichzelf de boetelingen van Assisi noemden, tot uitdrukking komt.
"1. De Heer heeft mij, broeder Franciscus, aldus het begin gegeven
van een leven in boetvaardigheid: toen ik in zonden leefde vond ik het
erg bitter melaatsen te zien.
2. En de Heer zelf heeft mij tussen hen in gebracht en ik heb hun barmhartigheid
bewezen."
Het gaat Theo Zweerman vooral om de woorden boetvaardigheid en barmhartigheid.
Waarom die nadruk op het woord boete, hoe komt Franciscus aan dat woord?"
Jezelf teruggeven aan de Gever
In
zijn antwoord op deze vraag verwijst hij naar de eerste woorden van Jezus
in het nieuwe testament: "De tijd is vervuld, het rijk Gods is nabij.
Bekeerd u in de blijde boodschap". Het woord bekering is in de eerste
Christelijke tijd vertaald als penitentie (=Boete) en waarschijnlijk is
dat Franciscus het evangelie in deze vertaling heeft gelezen. Wilde hij
zich openstellen, zich toevertrouwen en verlaten op God, kortom wilde
hij zich bekeren, dan zou hij allereerst en vooral boete moeten doen.
Bekering is bij hem vooral boetedoening.
Boete
Het woord
Boete dus als fundament voor de vertaling van het danken, dienen en dragen.
Want Franciscus wilde zich boven alles toevertrouwen en God zijn dankbaarheid
betuigen. En hij deed dit door zichzelf terug te geven aan de Gever. We
kunnen danken vertalen als teruggeven. "Zijn wij allemaal niet mens
voor mens weergave van de Gevende en mogen we niet allemaal zo in het
leven staan", aldus Theo Zweerman. Juist niet: to claim, zich iets
toe-eigenen. Integendeel: teruggeven.
Franciscus gaf op zijn levensweg gehoor aan zijn roeping door een beweging,
weg uit het midden en de rijkdom van de opkomende burgerij naar beneden,
letterlijk naar de onderkant van de stad waar de onderkaste, de melaatsen
woonden. Een totale heroriëntatie op zijn leven in een downward movement.
Niet langer een leven geleid van bovenaf, maar een leven van onderaf naar
boven. Boete doen door te dragen, zoals Theo Zweerman laat zien als hij
verwijst naar vers 10 en 11 van het Zonnelied. We horen daar de stem van
Franciscus die zelf te maken heeft met ziekte en kwetsbaarheid, maar die
ook al eerder in zijn leven principieel ervoor gekozen heeft om de ander
in al zijn kwetsbaarheid en lijden hoog te houden en te ondersteunen.
Dragen als hooghouden met moederlijke draagkracht door je schouders eronder
zetten. Niet: to climb, zelfverheffing ten koste van de ander. Neen, ervoor
kiezen om de ander juist in al zijn hebben en houden te ondersteunen en
hoog te houden.
In
deemoed dienen
Danken
en dragen, vormen volgens Theo Zweerman de uitingen van Franciscus diepe
wens om in deemoed te dienen, in moderne woorden: om gehoor te geven aan
Niet: to control, de machtuitoefening van de majores van alle tijden.
Maar het dienen en het gehoor geven aan
van de minores, de minderbroeders.
Belangrijke basiswaarden onder woorden gebracht in onze taal: dienen als
gehoor geven aan
danken als teruggeven en dragen als hooghouden.
Maar hoe kunnen wij deze woorden hanteren, integreren, uitleven in onze
persoonlijke situatie, specifieker in de setting van het Franciscaans
Milieuproject met zijn nadruk op Spiritualiteit, Gemeenschap, Natuur en
Milieu?
Aarden
in de dagelijkse praktijk
Ons tijdsbeeld
"We
zijn allemaal projectontwikkelaars geworden, individuele en zelfsturende
mensen, auto-mobilisten. Het proces van ontvoogding en individualisering
van de vorige eeuw is goed geweest, zonder twijfel. Alleen: hoe eenzijdig
was die ontwikkeling en wat is daardoor in de verdoemenis geraakt?"
Als we naar het begrip Spiritualiteit kijken, komen daar volgens Theo
Zweerman nog meer vragen bij, zoals: Waar staan we in ons leven, wat willen
we nu echt? Wat bezielt ons, wat is ons verlangen? Hoe stellen we ons
open voor de Geest, zodat we kunnen vernemen wat zich in ons binnenste
roert, wat er ergens in de diepte van onze ziel fluistert?
Bij deze ommekeer of bekering, want daar gaat het om als we deze vragen
serieus nemen, is inkeer en meditatie van groot belang. Nog belangrijker
is dat deze activiteiten een plek hebben in de realiteit. "Je blijft
nergens als spiritualiteit niet geaard wordt in de dagelijkse praktijk.
Het moet hier gebeuren. Om dit telkens weer te herijken, om wakker te
blijven heb je een gemeenschap nodig!" Ook lekenspiritualiteit is
gediend bij Fraternitas (broederschap). Het is essentieel dat wij onze
basiservaringen kunnen delen met elkaar. In onze moderne maatschappij
ontbreekt het aan plekken waar dat mogelijk wordt. En juist die tussenverbanden,
zoals Theo Zweerman ze noemt, zijn van groot belang.
In onze maakbare wereld die wordt geregeerd door het middel-doel-denken,
zijn we echter allemaal teruggeworpen op onszelf. Theo Zweerman citeerde
eerder al Sartre: We zijn gedoemd tot vrijheid. En het weerwoord daarop
van de bekende socioloog Levinas: We zijn bevrijd om te dienen. Nu vraagt
hij zich hardop af hoe Franciscaanse groepen zich in deze tijd in levende
tussenverbanden kunnen organiseren. Zodat we niet in ons eentje verstikken
in onze vrijheid waarin we ons noodgedwongen wel moeten conformeren aan
het credo dat we allemaal ons eigen leven kunnen en moeten maken.
Ontvankelijkheid
Want
wat echt belangrijk is, dat is volgens hem niet te maken: De erkenning
waar ieder mens bewust of onbewust om vraagt, het geluk waar iedereen
in zijn leven naar zoekt. Het zou vreselijk zijn als deze aspecten van
het leven ook geproduceerd konden worden. Erkenning, geluk en daarnaast
ook de kwetsbaarheid van de mens als essenties van het bestaan. En die
belangrijke aspecten komen tot hun recht in verbanden waar wij samen het
leven proberen te dragen. Geëmotioneerd: "We hoeven niet alleen
te leven, wat is dat voor onzin! Er is een vrijheid die pas open bloeit
in verbondenheid."
Waarna in de stilte die op deze woorden volgt het pulseren van de Schepping
voelbaar wordt. Spiritualiteit en Gemeenschap. Er rest hem nog één
antwoord, een reactie op het derde thema: Natuur en Milieu. "Jullie
zitten wel de hele tijd naar mij te kijken, maar draai je eens om".
Met een uitreikend gebaar attendeert hij zijn publiek op het majestueuze
schouwspel van de natuur buiten de Tuinzaal. Valt er nog meer te zeggen?
Jawel, dat we in onszelf naar woorden moeten blijven zoeken, waarin onze
ervaringen met het aangezicht der aarde voelbaar worden.
"Praten over schepping en natuur mag nooit losraken van de vraag
hoe ik om ga met mijn lijfelijk bestaan, want zo ben ik verbonden met,
neen deel van de natuur. Lijfelijk dus ook kwetsbaar, verwondbaar, maar
godzijdank daardoor ook openstaand, ademend
Maar hoe vinden wij
goede woorden die voortkomen uit dit openstaan voor de natuur? Een bepaalde
sensibiliteit en gevoeligheid is dan heel belangrijk. En ook het besef
dat woorden maar een beperkt gebied beslaan. Er is een benedengrens en
ook een bovengrens waar het woord geen toegang meer heeft, maar waar wij
wel helemaal leven. Dat is wat Paulus noemt: het zuchten van de hele schepping,
het zuchten van de geest, van de mens.
Wij leven in een maatschappij waarin het woord een enorme opgang maakt,
en tegelijkertijd aan grote slijtage onderhevig is. De vraag is: wat valt
er allemaal buiten het gebied van het woord, zowel naar beneden als naar
boven. En meer nog: hoe kan ik daar ontvankelijk voor worden?"
Rolf
van Til
Na
een lange ziekte is Theo Zweerman in 2005 overleden.
guy
dilweg; maart 2002
|